Sovjets, Lenin en een oude Kozak

Noosh-e-Jaan, 21 juni 2018

Even denk ik dat Victor de starre dame over het bureau heen gaat trekken, maar gelukkig kalmeert de oude Kozak. We staan samen in een betonnen politiekantoor voor mijn verplichte politieregistratie, een overblijfsel uit de Sovjettijd waar nog heerlijk aan vast wordt gehouden in deze archaïsche papierwereld met bakelieten telefoons en groenzwarte beeldschermen. De beambte vindt dat ik niet de juiste papieren heb gekregen bij de grens en wil ons niet verder helpen. Gelukkig weet Victor de stugge vrouw toch te overtuigen en na een paar flinke stemverheffingen over en weer ben ik blij als we weer veilig buiten staan onder het standbeeld van Lenin. ‘Maak je maar geen zorgen’, grijnst mijn gastheer, ‘als je iets overkomt, bel ik gewoon de president.’

Ik werd vanochtend wakker in Transnistrië, een communistisch Land van Ooit waar de Muur nooit gevallen is en oude Lada’s nog altijd onderdeel uitmaken van het straatbeeld. Transnistrië is feitelijk een onafhankelijk deel van Moldavië, waarvan het zich in 1992 heeft vrijgevochten, maar wordt door geen enkel land erkend. Het landje is daarom bevroren in de tijd, op een kleine enclave waar Lenin nooit is weggeweest.

Victor en ik lopen langs het Leninplein, de Sovjetstraat en de Overwinningsboulevard en wisselen mijn Moldavische lei in voor Transnistrische roebels. De biljetten met een heldhaftige Russische generaal, een drankfabriek en een oorlogsmonument zijn buiten dit landje volstrekt waardeloos en nergens inwisselbaar. De hoofstad Tiraspol trekt jaarlijks een handjevol toeristen die komen voor oude tanks en communistische standbeelden. Maar ook hier doen mensen hun boodschappen, staan ze te wachten bij de bushalte en zitten ouderen op bankjes in het park. Het is dan weliswaar het Overwinningspark met een grote triomfboog, maar uiteindelijk is het een gewoon bankje in een gewoon park in een vrij gewone stad, waar net als in de rest van Europa mensen komen om te ontsnappen aan de hitte en het verkeer.

We lunchen onder de druivenranken in de achtertuin van de zus van Victor, met wie hij een moeizame band onderhoudt. ‘Ze begrijpt me niet’, zegt de oude vrijbuiter die jarenlang in Canada woonde en die wilde plannen heeft voor een paddenstoelenkwekerij, een camping in de achtertuin en een wereldreis. ‘Mijn zus denkt alleen maar aan geld en zekerheid in het leven en durft nooit eens iets geks te doen.’ Toch worden we allerhartelijkst ontvangen met vers fruit en syrniki, dikke Russische kaaspannenkoekjes. Onder het eten praten we over de geschiedenis van de Kozakken en de held uit Victor’s favoriete boek, Taras Bulba. ‘Mensen hier lezen niet en weten amper waar ze vandaan komen, een nare erfenis van het communisme.’ 

De tweede lading syrniki verschijnt met dikke klodders Russische room en zelfgemaakte aardbeienjam. In stilte vier ik met de oude Kozak de vriendschap die bruggen slaat over echte en onzichtbare grenzen, van aardappelland naar deze achtertuin onder de druivenranken, waar ik de lekkerste pannenkoekjes van mijn leven eet.

Transnistrische syrniki

Pureer de hüttenkäse om de lokale kaas perfect te imiteren en laat 24 uur uitlekken in een kaasdoek of koffiefilter.

Ingrediënten voor 4 personen

500 g hüttenkäse|2 eieren|60 g bloem, gezeefd|2 el suiker|1 mespuntje zout|roomboter of zonnebloemolie|

  1. Meng de kaas met de eieren en klop door elkaar met een vork tot dat er geen brokjes kaas meer zijn.
  2. Voeg vervolgens de bloem, suiker en zout toe. Mix met een vork en laat 20 min. rusten.
  3. Bestrooi het werkblad met bloem en schep daar telkens 2 eetlepels beslag op. Druk zachtjes met je hand tot je een rond, dik pannenkoekje hebt en draai deze om zodat beide kanten met bloem bedekt zijn.
  4. Smelt 2 eetlepels boter of olie in een koekenpan en bak de syrniki zo’n 3 min. aan beide kanten.
  5. Laat de gebakken syrniki uitlekken op een vel keukenpapier en herhaal de vorige stap tot al het beslag op is.
  6. serveer met zure room, jam, confituur of honing.