Gekke groene wagentjes

De Betere Wereld, 2 november 2013

Luid toeterende vrachtwagens en bussen razen zonder af te remmen luid toeterend door Liyu, een marktplaatsje aan de provinciale weg in het Noorden van China. Fietsend door de regen blijf ik wijselijk aan de zijkant van de weg en let ik extra goed op dat een van deze giganten me niet van mijn sokken rijdt. Maar zoals altijd in China krijg je niet wat je verwacht en komt het grote gevaar juist van de kleine sluipwespen, de elektrische scooters. Erg duurzaam, maar levensgevaarlijk.

China blijft het meest vervuilde en meest vervuilende land ter wereld. Met 16 van de 20 meest smerige steden ter wereld binnen de grenzen zijn er qua duurzame ontwikkeling grote en belangrijke stappen te zetten. Ondanks dat dit op vele gebieden niet gebeurt en de Chinese economie nog altijd op volle toeren draait op fossiele brandstoffen, zijn er toch effectieve  maatregelen getroffen om de steden wat te ontzien. Ik liep rond in miljoenensteden Shanghai, Hangzhou en Beijing en in geen van de drie heb ik een enkele motorfiets aangetroffen. Als ik alleen al denk aan de smog die een paar miljoen van die oude krakkemikkige barrels zouden veroorzaken lijkt het me een verstandig idee dat deze hier simpelweg verboden zijn.

Op de grote kruispunten, smalle straatjes en vooral wanneer je even niet kijkt, zoeven tientallen elektrische scootertjes bijna geruisloos voorbij of aan alle kanten om je heen. De 9 miljoen fietsen in Beijing hebben gestaag plaatsgemaakt voor hun elektrische opvolger. Jammer voor het straatbeeld van het oude mannetje op de fiets, maar met de afstanden die mensen af moeten leggen om ergens te komen, is het best begrijpelijk. Gelukkig zou het China niet zijn als de elektrische voertuigjes er niet zouden zijn er in alle soorten en maten. Van bakbrommers die fungeren als mobiele keukentjes, fietswerkplaats of groentekraam tot overdekte taxikarretjes en hele kleine autootjes. Om ze op te laden heb je in alle dorpen en steden meer dan voldoende oplaadpunten, waar je voor een kwartje je accu weer kan opladen voor de volgende 50 kilometer. De e-scooters zijn dus niet alleen duurzamer dan hun voorgangers, ze zijn ook nog eens goedkoper.

Op het platteland komt de duurzame transitie duidelijk wat langzamer op gang dan in de steden, waardoor het spectrum van gekke wagentjes ook wat groter is. Van grote en eeuwig overbeladen driewielbakbrommers tot de kleinste tractoren die ik ooit gezien heb, steevast achtervolgd door een dikke zwarte rookpluim. Ook zijn de fietsen hier nog wat dominanter en zie ik boeren in de vroege ochtend zwoegen op gammele bakfietsen met grote handrem aan de stang. Wat ik ook merk is dat de rijvaardigheid nog een beetje met de tijd mee moet gaan. Zeker op de geruisloze elektrische scooters is het soms levensgevaarlijk aangezien de berijders zich van hun zandpaadje zonder te kijken met volle vaart de weg op lanceren, linksom inhalen en middenop de weg ineens stil gaan staan. Dit maakt fietsen in China een bijzondere uitdaging, zeker gezien de truckers, buschauffeurs en automobilisten ook ongeveer zo rijden. Ternauwernood ontsnap ik een aantal keer aan een vrachtwagen die spookrijdend een wilde manoeuvre maakt om twee rijen auto’s ineens in te halen of moet ik zelf vreemde capriolen uithalen om de nieuwste stuurkunsten van de scooteraars te overleven. Maar ik klaag niet, want het houdt het rijden spannend.

Nu is het als fietsreiziger natuurlijk mijn plicht een beetje mijn neus op te halen voor de cheaters van e-bikes, maar na het inademen van zoveel wolken ellende uit verouderde uitlaatpijpen zie ik toch uit naar een omslag in de rest van de wereld. China geeft ons als koploper op gebied van elektrisch rijden toch het goede voorbeeld en heel misschien moeten we onze sinofobie even opzij schuiven en gewoon toegeven dat ze dit verdomd progressief hebben opgepakt. Nu alleen nog leren rijden jongens…