Reissnob aan zee

Brallende backpackers en sekstoeristen in Zuidoost-Azië

Eigen werk, 31 oktober 2014

Oude westerse mannen met piepjonge vriendinnetjes, schreeuwende jonge Australiërs die laveloos met ontbloot bovenlijf de straten afschuimen, dealers die me ‘iets’ aanbieden en toeristenrestaurants met happy pizza, bratwurst en hamburgers. Reizend door Zuidoost-Azië ontkomt zelfs de fietser niet altijd aan de keerzijde van het toerisme. Ik ben beland in Sihanoukville, een Cambodjaanse havenstad waar hordes backpackers aanmeren voor zon, zee, strand en plezier.

Ko Rong

Ik ontvlucht de drukte meteen en hop op een boot naar paradijseiland Ko Rong om een paar dagen te kamperen op het strand. Wanneer we aanmeren met de opvallend hippe veerboot stuiten ik op een kluit hostels waar hipgeklede backpackers hangen rond in barretjes, toers boeken en ‘s avonds gaan feesten op de strip. Tussen 19.00 en 21.00 is het bier gratis in de Lazy Beach Bar, er zijn shooter games en je haalt op het strand je voeten open aan glasscherven van het vorige feest. Is dit wat je doet op een paradijseiland? Met zijn allen bovenop elkaar op een klein strandje zitten zuipen terwijl de rest van het eiland zo goed als verlaten is? Wij zoeken het meest afgelegen hoekje van he eiland op. Tent, hangmat, vuur en stilte. We nemen uitgebreid de tijd voor lange maaltijden, zwemmen in de azuurblauwe zee en vallen vroeg in slaap kijkend naar de sterren.

Backpackers

Ik zit een beetje te mokken over de reiswijze van de brassende backpackers op het volgende strand. Vooral nadat ik afgelopen maand zoveel sekstoeristen en feestgangers zich zag misdragen in buurland Vietnam. Van de ene braspartij naar de andere, onderbroken door een paar busritten en wat vluchtig toerisme, maar zonder veel notie van de lokale cultuur. Ik vraag me af waar de tijd is gebleven dat een reiziger zijn smerige plunjezak neersmeet in de hoek van een donkere bar aan de stadsrand, voor een habbekrats ging eten in een smoezelig markttentje en sliep op het strand? Vandaag zag ik slechts groepjes keurig getrimde jongens en meisjes met hooguit wat opzettelijke kleerscheuren, vaalgemaakte shirts en strakke baardjes. De plunjezak is een kleurrijke jumborugtas met ergofuncties en luchtcirculatie, de legerkisten zijn vrolijke Havaiana’s geworden en tassen puilen uit van de elektronica waar veel de halve dag mee in de weer zijn. Want o wee als er geen wifi is.

Oude knar

Even is het stil en ik kijk naar de vlammen van het kampvuur. Dan moet ik ineens erg om mezelf lachen. Zie hem zitten mokken op zijn eenzame strandje. Verderop hebben een boel jonge reizigers de tijd van hun leven. Ik ben gewoon een romantische ouderwetse knar die een mening heeft over wat reizen zou moeten zijn en voel me plotseling een enorme snob. Alsof ik me niet vermaakt zou hebben op mijn eerste reis naar Azië tussen al die andere backpackers die in plaats van het stramien van hun thuisland te volgen, kiezen om een paar maanden of zelfs een jaar te gaan reizen. En de meesten zullen heus niet alleen komen om goedkoop te drinken. Dat ik toevallig liever op een eenzaam strand bij een vuurtje zit, bij de rijstboer op het erf kampeer of op de planken van een marktkraam slaap, betekent niet dat dit voor iedereen nou zo’n feest is. Ik besluit te stoppen met zeuren. Dit strand is voor iedereen.